Welke soorten asbest bestaan er?
Asbest is een verzamelnaam voor zes natuurlijke mineralen met een vezelachtige structuur. In Nederlandse gebouwen komen vooral chrysotiel, amosiet en crocidoliet voor.
De verschillende soorten worden vaak aangeduid met een kleur, zoals wit, bruin of blauw asbest. Die benaming verwijst naar de oorspronkelijke vezelkleur. Aan de kleur van een bouwmateriaal kun je niet betrouwbaar zien welke asbestsoort aanwezig is.
De drie bekendste asbestsoorten
Chrysotiel
Chrysotiel wordt ook wit asbest genoemd. Dit is de meest toegepaste asbestsoort en kan onder meer voorkomen in asbestcement, golfplaten, vloerproducten, pakkingen en plaatmateriaal.
Amosiet
Amosiet staat bekend als bruin asbest. Het is onder andere toegepast in isolatieplaten, brandwerende producten, leidingisolatie en ander isolatiemateriaal.
Crocidoliet
Crocidoliet wordt blauw asbest genoemd. Deze soort is onder meer gebruikt in isolatiematerialen en bepaalde asbestcementproducten, waaronder sommige drukleidingen.
Niet aan de kleur herkennen
De kleur van het product zegt niet welke asbestsoort erin zit. Asbestvezels zijn vaak vermengd met cement, lijm, kunststof of ander materiaal. Alleen laboratoriumonderzoek kan hierover zekerheid geven.
Welke andere asbestsoorten zijn er?
Naast chrysotiel, amosiet en crocidoliet bestaan ook anthofylliet, tremoliet en actinoliet. Deze soorten zijn in Nederland veel minder vaak bewust in bouwproducten toegepast.
Ze kunnen wel als verontreiniging in andere natuurlijke mineralen of materialen voorkomen. In een analyserapport staat vermeld welke asbestsoort in een onderzocht materiaal is aangetroffen.
Serpentijn en amfibool
De zes asbestsoorten worden verdeeld over twee mineraalgroepen. Chrysotiel behoort tot de serpentijngroep en heeft gekrulde vezels. De overige vijf soorten behoren tot de amfiboolgroep en hebben rechtere, naaldvormige vezels.
Voor de beoordeling van een situatie wordt niet alleen gekeken naar de asbestsoort. Ook de hoeveelheid, de toepassing, de toestand van het materiaal en de manier waarop de vezels zijn gebonden spelen een rol.
Asbestsoort en binding zijn niet hetzelfde
De asbestsoort geeft aan welk mineraal aanwezig is. Hechtgebonden of niet-hechtgebonden beschrijft hoe stevig de vezels in het materiaal vastzitten. Dit zijn dus twee verschillende eigenschappen.
Hechtgebonden en niet-hechtgebonden materiaal
Bij hechtgebonden asbest zitten de vezels stevig vast in een bindmiddel, bijvoorbeeld cement. Bij niet-hechtgebonden asbest kunnen vezels gemakkelijker vrijkomen.
Ook hechtgebonden materiaal kan door beschadiging, bewerking of verwering vezels gaan afgeven. De staat van het materiaal blijft daarom belangrijk.
Kunnen meerdere soorten samen voorkomen?
Een bouwmateriaal kan één asbestsoort bevatten, maar een combinatie van verschillende soorten is ook mogelijk. Zo kan in een monster bijvoorbeeld zowel chrysotiel als crocidoliet worden aangetroffen.
Een laboratorium vermeldt in de analyseresultaten welke soort of soorten aanwezig zijn en in welke concentratieklasse deze zijn aangetroffen.
Hoe wordt de asbestsoort vastgesteld?
Wil je weten of een materiaal asbest bevat en om welke soort het gaat? Dan moet een representatief materiaalmonster door een daarvoor geschikt laboratorium worden onderzocht.
Ga een verdacht materiaal niet zelf breken, schuren, zagen of boren om een monster te nemen. Laat eerst beoordelen hoe het materiaal veilig kan worden onderzocht.
Meer informatie over asbest
Asbest herkennen
Lees waar asbesthoudende materialen in en rond oudere gebouwen kunnen voorkomen.
Hechtgebonden en niet-hechtgebonden asbest
Lees wat de binding van de vezels betekent en waarom de toestand van het materiaal belangrijk is.
Twijfel je over een materiaal?
Stuur informatie en foto’s van de situatie mee. Dan bekijken we welk onderzoek nodig is en welke vervolgstap bij de situatie past. Voor het benodigde onderzoek ontvang je gratis en vrijblijvend een offerte.
Gratis offerte aanvragen